Visie tegen pesten

Visie tegen pesten

ONZE VISIE OVER PESTEN EN PESTGEDRAG
Anti-pestbeleid
1. Doel:
Kinderen spelen met elkaar en daarbij komt soms eens ruzie voor. Ruzie maken en oplossen hoort bij het leven. Het is noodzakelijk dat en kind hier af en toe mee geconfronteerd wordt, zodat hij zich in zijn latere leven op gepaste wijze kan gedragen in groep, in de samenleving. Dit gebeurt met vallen en opstaan. Wanneer dit lerend gedrag overgaat in pestgedrag, spreekt men van een probleem.
“ Alle kinderen moeten zich in hun basisschoolperiode veilig kunnen voelen, zodat zij zich optimaal kunnen ontwikkelen”

2. Plagen of pesten:
Plagen gebeurt spontaan, het duurt niet lang, is onregelmatig. Humor en aandacht vragen halen vaak de overhand. Bij dit ‘spel’ zijn de kinderen gelijk aan elkaar: niemand moet blijvend het onderspit delven. Plagen is niet altijd leuk, maar nooit bedreigend. Er is geen blijvende psychische of fysieke schade. Wat fout loopt wordt sneller rechtgezet.

Bij pesten is de dader sterker dan het slachtoffer. Het is dezelfde leerling die wint en dezelfde die meermaals verliest. Die laatste voelt zich eenzaam, verdrietig, onveilig.

Directe pesters vernederen, schelden, dreigen, maken hun slachtoffer belachelijk, schoppen, slaan, duwen, vernielen spullen,…
Indirecte pesters sluiten het slachtoffer uit met roddels en leugens. Ze zijn voorzichtiger, doen geniepiger.

              PLAGEN…              PESTEN…
Is onschuldig en ongepland is doelbewust en gepland
is maar tijdelijk Is systematisch en langdurend
Gebeurt tussen gelijken Met een duidelijk machtsverschil
is te verdragen Gebeurt met het doel te kwetsen
Is vaak één tegen één Is vaak een groep tegen één
doet iedereen wel eens Gebeurt vaak door dezelfde
Een wisselend slachtoffer Dikwijls hetzelfde slachtoffer
Is vlug vergeten Een moeilijk herstel

3. Wat is pesten?
Onder pesten verstaan we : – alle vormen van lichamelijk geweld : slaan, schoppen,
vechten,…
– Uitsluiting van een medeleerling(e)
– Gebruik van kwetsende en dreigende taal : spotten, uitschelden, afdreigen, roddelen, leugens verspreiden, vernederen,…
– Beschadigen en/of wegnemen van het bezit van anderen
– Kwetsende berichten of boodschappen versturen via pc, sms, msn, … ( cyberpesten)
– Steaming ( een groep kinderen die een individu afdreigen, vernederen of intimideren totdat hij geld of een voorwerp afgeeft.

De basiskenmerken van pesten zijn:
– opzettelijk iemand pijn doen
– Geen éénmalig feit maar regelmatig en voor langere periode
– Steeds een ongelijke strijd waarbij diegene die gepest wordt zich moeilijk kan verdedigen omdat die niet kan of durft tegenover de pester( s)

4. Waar en wanneer wordt er gepest?
Pesten komt op verschillende momenten en plaatsen voor zoals:
– Tijdens de speeltijden
– Tijdens uitstappen
– Tijdens de lessen
– Op weg van en naar school
– Via pc of gsm
– ….

5. Mogelijke signalen
a) Van een gepeste leerling(e):
– vaak angstig en onzeker
– Weinig zelfvertrouwen
– Weet niet om te gaan met de agressie van anderen
– Vaak afwezig en komt niet graag naar school
– Zoekt de veiligheid van leerkrachten op
– Heeft vaak klachten ( hoofdpijn, buikpijn,…)
– Schoolresultaten gaan achteruit
– Wordt dikwijls laatst gekozen in groepjes
– Slaapstoornissen
– Eetproblemen
– Huilbuien of dwangmatig gedrag
– ….

b) Van een pestkop : – beseft niet altijd wat hij anderen aandoet
– doet stoer en wil imponeren
– is vaak fysiek sterker dan zijn/haar slachtoffer
– wil zich ten koste van alles en iedereen bewijzen
– is impulsief en reageert agressief bij tegenwerking
– heeft een groot idee van zichzelf
– omringt zich met meelopers die zorgen voor zijn/haar aanzien
– is eerder gevreesd dan geliefd in de groep
– …

6. Wat kan je als leerling(e) doen?
a) Als je gepest wordt : – aarzel niet, verwittig op de eerste plaats je leerkracht en
praat erover met iemand in wie je vertrouwen
stelt; vrienden, leerkrachten, ouders, directie,…
– door erover te praten sta je immers niet alleen en kan het probleem vlugger opgelost worden
b) als je ziet pesten : – verwittig zo vlug mogelijk een volwassene op school die je
informatie discreet zal behandelen
– wie pestgedrag signaleert is geen klikspaan maar neemt het op voor anderen
– probeer de gepeste duidelijk te maken dat je niet akkoord bent met het pesten
c) als je gevraagd wordt mee te pesten: – zeg duidelijk dat je niet akkoord bent met het
pestgedrag

7. Wat kan je als ouder doen?
a) Als je vermoedt of verneemt dat je kind gepest wordt:
– Neem de tijd en luister naar het verhaal
– Leg zeker niet de schuld bij je kind, maar wijs het op zijn sterke kanten
– Verwittig de leerkracht en directie om samen naar een oplossing te zoeken
b) Als je vermoedt of verneemt dat je kind pest:
– Neem dergelijke vermoedens of mededelingen altijd ernstig
– Zeg aan je kind wat je vernomen hebt en luister kritisch naar zijn/haar verhaal
– Neem contact op met de leerkracht en directie

8. Onze aanpak op school.
a) Kleuterschool: – kleuters ‘pesten’ niet. Echt pestgedrag begint pas op de leeftijd van 6 à 7 jaar. Hier maken we duidelijk een verschil tussen plagen en ruzie maken. We confronteren de kleuters met hun onaangepast gedrag ( onmiddellijk) en pakken dit ook aan!
Bij aanhoudend fout gedrag worden de ouders gecontacteerd.
Kinderen moeten elkaar leren respecteren. Leerkrachten geven het goede voorbeeld en ook van ouders vragen wij een respectvol gedrag t.o.v. de kinderen, de leerkrachten en elkaar.
b) Lagere school:
1. Preventief:
– via lessen :direct in een thema ( verhalen, rollenspel, boeken,…)
Indirect tijdens gelijk welke les onmiddellijk bij gegniffel
t.o.v. lln. die een fout maken.
-gezichtjes in LVS goed gebruiken en bespreken met de leerlingen
indien nodig
-deelnemen aan de “anti-pestweek” als thema in de school en ons zo
profileren als een anti-pestschool
-toezichten heel efficiënt doen en zo pestgedrag voorkomen

– via eigen houding t.o.v. ruzie. De lichaamshouding is belangrijk dwz
niet a priori beschuldigend maar een open houding en samen met
de leerlingen zoeken naar een waarheid. Soms is het niet wat het
lijkt!
-via klasafspraken die in het begin van het schooljaar in elke klas
worden gemaakt!
-via klasgesprekken maken we het duidelijk dat de leerlingen altijd bij
de leerkracht terecht kan!
-tijdens de middagpauze voorziet de school tal van activiteiten waarin
de leerlingen zich op een creatieve, sportieve manier kunnen
ontspannen.
-in de loop van het schooljaar worden heel wat gezamenlijk activiteiten
georganiseerd met aandacht voor een goede groepssfeer ( sportdagen,
daguitstappen, vieringen,…)
-om de 2 jaar in januari een VVV-project ( vreugde, vriendschap, vrede)
waarin allerlei activiteiten per graad worden aangeboden.
-lichamelijk en verbaal geweld wordt niet getolereerd. Leerlingen
krijgen een time-out wanneer ze met opzet iemand kwetsen.

2. Aanpak bij kleine ruzies:
– Zoeken hoe het in mekaar zit door middel van gesprekken.
– Oogcontact zoeken en behouden
– Niet betrokken leerlingen ( ramptoeristen ) wegsturen
– Concrete afspraken maken om dit te stoppen
– Het STOP-stappenplan toepassen ( 1. Stop, hou daarmee op, dit vind ik niet leuk; 2.Heb je me niet gehoord? Hou daarmee op; 3. Als je niet ophoudt ga ik naar de leerkracht ; 4. Je gaat naar de leerkracht die toezicht houdt)
– Leerkracht neemt alle meldingen ernstig en luistert

3. Aanpak bij aanhoudende ruzies/pestsituaties:
– Bij aanhoudelijke situaties wordt dit gemeld aan de leerkracht /vertrouwenspersoon
– Leerkracht observeert de situatie gedurende een bepaalde tijd en voorziet een gesprek met beide partijen gedurende 5 minuten ( onder 4 ogen)
– De betrokken partijen trachten een oplossing te vinden
– Na een vooraf afgesproken termijn evalueren van de situatie

4. Aanpak bij hardnekkige pestsituatie:
– In deze situatie starten alle betrokken partijen gesprekken. Hiervoor gebruikt de school de “No-Blame” methode. Deze methode omvat 7 stappen : 1. Gesprek met het slachtoffer
2. Gesprek met de daders
3.Het probleem duidelijk maken
4.De verantwoordelijkheid delen
5. de daders oplossingen vragen
6. verantwoordelijkheid op de
daders overdragen
7. Evaluatie
– Komen we niet uit het probleem schakelen we externen in
zoals het CLB

c) Bij alle voorgaande situaties worden ouders na herhaaldelijke opmerkingen steeds op de hoogte gebracht.
d) Bij het uitspreken van een “straf” worden alle personeelsleden hiervan op de hoogte gebracht alsook de ouders